‘Een dominee heeft “alleen maar vrije tijd’.
Zo begint Nico ter Linden het boek dat hij geschreven heeft over zijn ervaringen en dat hij dezelfde titel heeft meegeven.
De uitdrukking is van weer een andere dominee, de Deen Kaj Munk (1944 door de Duitsers geëxecuteerd). Een dominee is op een wonderlijke manier vrijgesteld van allerlei soorten werk, om zich helemaal in zijn vrije tijd te kunnen wijden aan de dingen die een dominee nu eenmaal hoort te doen: mensen opzoeken, zieken bemoedigen, dopen, trouwen en begraven en natuurlijk op zondag de lieve mensen vertellen over de lieve God. Wat een voorrecht!
Ter Linden vertelt hoe hij dat heeft gedaan en dat het hem een voorrecht was, is voldoende terug te lezen. De verschillende facetten van het domineesvak passeren de revue. Hij laat daarbij niet na zijn collega’s van advies te voorzien. Do’s en don’ts voor dominees en priesters, schrijft hij zelf. Bij MAX op tv liet hij het zelfs een ‘handboek voor jonge dominees’ noemen. Dat lijkt me wat teveel eer voor Nico en te weinig voor de theologen die de dominees tegenwoordig opleiden. Maar goed, je hoeft hem niet zo serieus te nemen als hij zelf doet, om toch je voordeel te kunnen doen met een aantal van zijn inzichten.
Ook als je wat jaren ervaring hebt valt er genoeg op te steken van dit boek. Naast het vele herkenbare, wat het lezen ook al veraangenaamt, en praktische tips voor de preek (!), zit dat in het kennisnemen van zijn manier van doen. Daardoor word je geprikkeld om je eigen aanpak weer eens kritisch te onderzoeken. Je moet wel een beetje door zijn wat bekakte stijl van schrijven heen kunnen kijken (“Het is hartelijker de liturgieën de kerkgangers ter hand te stellen dan die tevoren op hun plaatsen neer te leggen”, 33), maar als je die hobbel eenmaal hebt genomen is het prima te verteren. Vooral de pastorale miniatuurtjes en ervaringen uit zijn nascholing in Amerika heb ik met plezier gelezen.
Ik deed dat, vanmiddag, in een luie stoel, half schaduw half zon. Uiteraard na vanochtend ijverig achter mijn bureau te hebben gewerkt terwijl ik vanavond weer een afspraak heb staan. Dat u niet denkt: die dominees, die hebben alleen maar vrije tijd…
Op p. 75 haalt hij een mooie uitspraak van Frederick Buechner aan:
Het zou wel eens kunnen zijn dat er geen beter bewijs is voor het bestaan van God dan de wijze waarop Hij, jaar in jaar uit, de manier waarop zijn professionele vrienden hem promoten, weet te overleven.
(Nico ter Linden, Alleen maar vrije tijd. Een dominee over zijn vak, Amsterdam 2010, 286 pag., isbn 9789460032387, €17,95)