Gistermorgen voorgegaan in de Zuiderkerk. Zoals bekend is hier ooit kerkhistorie geschreven. Elke keer word je daar weer aan herinnerd, want in de consistorie staren de vroede vaderen van de Synode van 1926 je zwart zwijgend aan. Het is de synode van het befaamde ‘slangenproces’, waar dr. Geelkerken werd veroordeeld omdat hij zich niet ondubbelzinnig achter het ‘klaarblijkelijk’ en ‘zintuigelijk-waarneembare’ spreken van de slang in het zondevalverhaal wilde scharen. In de beeldvorming is het hét voorbeeld geworden van gereformeerde bekrompenheid. Assen ’26 veroorzaakte een kleine scheuring in de Gereformeerde kerken doordat Geelkerken en zijn medestanders zich verenigden in het Hersteld Verband (HV, ook wel Hellend Vlak genoemd door de synodalen, waarmee meteen duidelijk werd waar de pijn voor hen lag).

Onlangs las ik het boekje De sprekende slang waarin Nico Dros schrijft over deze kerkstrijd in het Texelse Oosterend (zie knop Recensies). Daar stond toen de later bekend geworden ds. Buskes, die meeging met Geelkerken.
Dros plaatst de geschiedenis in een wijder perspectief en probeert te verklaren waarom juist op dit dorp de gemoederen zo hoog opliepen. Helaas slaagt hij daar niet helemaal in. Hij leunt voor zijn verhaal nogal nadrukkelijk op mondelinge mededelingen die hij 25 jaar geleden verzamelde. Die geven wel enige sjeu aan het verhaal, maar verklaren niet zoveel. Dros noemt de hele affaire ‘laaglands fundamentalisme’ en ‘bijbeldriftigheid’ – een leuk woord, maar niet erg behulpzaam als verklaring. Je krijgt niet de indruk dat hij zich werkelijk in de beweegredenen van deze mensen heeft verdiept, wat toch wel een eerste vereiste voor een historicus is.
Zelf herlas ik gisteravond daarom maar het hoofdstuk dat Berkouwer er in zijn prachtige Zoeken en vinden aan besteedt. Wie Assen ’26 in zijn context wil begrijpen, ook voor wat betreft de finesses van de gereformeerde Schriftbeschouwing in die jaren, kan daar beter terecht (of hier).
In de Zuiderkerk word je niet alleen door de grote foto in de kerkenraadskamer aan ’26 herinnerd. Naar verluidt zijn er plannen om er volgend jaar, 85 jaar na dato, een toneelstuk aan te wijden. Ik begrijp die behoefte niet zo goed. Beter zou men nog een jaartje wachten en feestelijk kunnen herdenken dat het dan 45 jaar geleden is dat de Synode der Gereformeerde Kerken de besluiten van Assen heeft herroepen.
Maar ja, dat levert natuurlijk geen theatrale dramatiek op.
Wat mij betreft houden we het wat de herinnering aan Assen ’26 betreft bij ‘stil spel’.
Eerwaarde Altena,
Hoi Bert,
Volgens mij hebben wij elkaar vroeger eens ontmoet, maar op mijn leeftijd kan men zich vergissen.
Ik ben van plan om voor ons kerkvolk in de herfst van 2026 een voordracht te houden over Assen 1926. Ik wil een en ander koppelen aan Julius Philo van Alexandrië en aan “De aard van het schriftgezag” (1981). Maar ook de kijk van mensen daar tussen in (in de tijd gezien). Heb je nog tips?
Mei hertlike groetnis,
Pier Slump.