Paul Schenderling, Continent van de kwaliteit

Econoom Paul Schenderling pleit voor een actieplan om de Europese economie fundamenteel te veranderen. We moeten af van onze fixatie op groei, nut en efficiëntie, naar een economie die zich laat leiden door sufficiëntie. Een radicale keuze voor kwaliteit boven kwantiteit.

Artikel geschreven voor VolZin, november 2025

Hondsbrutaal en onverzadigbaar

De recente roman Wat we kunnen weten van Ian McEwan speelt in de eenentwintigste eeuw. Een van de verhaallijnen gaat over een stel geesteswetenschappers die honderd jaar na dato een fascinatie hebben opgevat voor het tijdperk 1995 – 2030. Hun oordeel over deze tijd: “Wat een fenomenale vindingrijkheid, en wat een stompzinnige hebzucht. Wat een muziek, wat een smakeloze kunst, wat een wilde uitspattingen en wat een gevoel voor humor: mensen die drieduizend kilometer vlogen voor een vakantie van een week, gebouwen die tot de hemel reikten, oeroude bossen die verwoest werden om papier te maken waar je je gat mee kon afgeven (…) De mensen van toen waren groot en moedig, uitmuntende geleerden en wetenschappers, musici, acteurs en atleten, maar ze waren zo gek dat allemaal te verkwanselen, terwijl hun hoge cultuur weeklaagde en het uitgilde van de pijn. We rillen van afschuw bij hun onstuimigheid. Ze waren hondsbrutaal, onverzadigbaar, roekeloos en vrijgevochten.”

Zullen ze over honderd jaar zo op onze tijd terugkijken en over ons oordelen? De roman van McEwan speelt in de toekomst, nadat de grote Ontwrichting zoals het daar heet, heeft plaatsgevonden die door onze generatie is veroorzaakt. Fictie natuurlijk, maar zo vergezocht lijkt het allemaal nu ook niet weer.

De toekomst is ongewis. Als het aan Paul Schenderling en zijn postgroeibeweging ligt, is er een ander scenario denkbaar dan de dreigende ontwrichting. Maar dan is er wel een serieuze verandering van ons economisch systeem nodig.

Economie in dienst van de samenleving

In zijn boek Continent van de kwaliteit ontvouwt hij een alternatief vooruitgangsverhaal voor Europa. De afgelopen veertig jaar hebben we ons het slachtoffer laten maken van een liberaal narratief dat nog steeds krachtig is, maar dat op allerlei manieren niet toekomstbestendig is. We moeten vooruit door weer terug te grijpen naar een economisch model waarbij overheden controle kunnen uitoefenen om de uitwassen die nu eenmaal inherent zijn aan het kapitalistische model te beteugelen. Na de crisis van twee wereldoorlogen is er in de vorige eeuw een internationale orde opgebouwd met sociale verzekeringen, progressieve belastingen en regelgeving voor goed werkgeverschap, zoals een nationale industriepolitiek. Het gematigde kapitalisme zorgde voor welvaart en welzijn. De economie stond in dienst van de samenleving.

De laatste vier decennia echter is de economie als het ware verzelfstandigd. De liberalisering liet de teugels vieren, de overheid trad terug. Hierdoor liet ze de teugels niet alleen vieren, ze gaf ze uit handen. Internationale bedrijven zijn machtiger geworden dan nationale overheden. Zij kunnen gemakkelijk hun kapitaal verplaatsen. Ermee dreigen is vaak al genoeg om de politiek te bewegen aan hun eisen tegemoet te komen. Voeg daarbij de recente opkomst en ontwikkeling van de techindustrie waarin al deze kenmerken samenkomen. De globalisering en automatisering is doorgeschoten. Het is nodig om de controle terug te winnen. Take back control.

Volgens Schenderling heeft Europa daarvoor een unieke uitgangspositie. Het is een sterke markt en de geschiedenis laat zien dat maatregelen zoals die in de eerste decennia na de oorlog werden genomen, kunnen slagen. Daar kan op voortgebouwd worden, mits men bereid is de bakens te verzetten. Zowel de vloer als het plafond van de economie moeten gerepareerd worden. De vloer, het fundament, door de democratische controle op de economie terug te winnen. Het plafond, door nadrukkelijk te gaan sturen op de vijf veroorzakers van het overschrijden van de draagkracht van de aarde: “Er is sturing nodig op én de uitstoot van broeikasgassen én het materiaalverbruik én het waterverbruik én het landgebruik én het landgebruik én de uitstoot van giftige stoffen.” De knowhow, de wetgeving en de bevoegdheden hebben we in Europa al in huis. Het kan, maar willen we het ook?

Je hoeft geen econoom te zijn om het betoog van Schenderling te kunnen volgen. In zijn boek analyseert hij in heldere taal en met sprekende voorbeelden waarom we in de huidige economie, gefixeerd op kwantitatieve groei, vastlopen. We lopen collectief tegen de grenzen aan van wat onze planeet verdragen kan. Dat proces is al gaande en op onderdelen onomkeerbaar geworden. Nog niet zolang geleden meldden wetenschappers dat grote delen van het wereldwijde koraalrif in onze oceanen definitief verloren lijkt. De opwarming van de aarde is niet meer te stoppen, zelfs niet als acuut alle voorgestelde klimaatmaatregelen in werking zouden treden, wat een utopie is. Het is niet de vraag of we de aarde, onze collectieve leefomgeving, ontwrichten, maar hoezeer dit proces op onderdelen nog te repareren zal zijn. Daarom is het des te urgenter om het systeem te veranderen. We moeten anders naar groei leren kijken. Wat vroeger al duurzame ontwikkeling werd genoemd. Kwaliteit boven kwantiteit is de terugkerende mantra van de postgroeibeweging.

Economie van waarden

Daarom is het belangrijk om de economie te bevrijden uit het keurslijf van de exacte wetenschappen. Dat is een deel van de liberale mythe waarmee de ‘oude’ economie zichzelf in stand houdt. Maar zoals veel aansprekende denkers en economen de laatste decennia betogen is economie in de eerste plaats een waardenwetenschap. Zoals het vak ooit is begonnen, als een politieke filosofie over het soort samenleving dat je nastreeft en welke rol handel, nijverheid en industrie daarin speelt. Volgens Schenderling zijn er vier diepgewortelde doeleinden van het samenleven die ‘telkens weer door filosofen, profeten en andere visionairs met passie worden aangewakkerd: vrijheid, vrede, rechtvaardigheid en naastenliefde’.
Een adequate economie dient bij te dragen aan het realiseren van deze waarden. Dat is dus wat anders dan de verengde fixatie op waarde (zonder -n), geld, nut en efficiëntie. Hij munt daarvoor een nieuw concept: sufficiëntie, voldoening gevend. In de economie zou het moeten gaan over rechtvaardigheid, sociale en ecologische rechtvaardigheid. Om dat wat minimaal nodig is voor een leven dat echte voldoening geeft, doordat het gericht is op de diepere levensdoelen.

Economie is fundamenteel gebaseerd op wederkerigheid in relaties, tussen mensen en in gemeenschappen. Wij weten vaak niet meer door wie de producten die wij kopen zijn gemaakt en onder welke omstandigheden deze zijn geproduceerd. Dat we dat accepteren als een voldongen feit dat nu eenmaal gegeven is met de geanonimiseerde economische relaties, is deel van het probleem. “Onze moderne economie bestaat steeds minder uit relaties en steeds meer uit onpersoonlijke transacties. De mensen die zaken met elkaar doen – en daarmee elkaars naaste zijn geworden – kennen elkaar steeds minder vaak, laat staan dat ze zich in elkaar kunnen inleven.”

Je hoeft hierbij niet per se het romantisch beeld van een kneuterige dorpseconomie voor ogen te hebben, waar je het brood bij de plaatselijke bakker koopt, de groenten, als je ze niet zelf verbouwt, bij de lokale groenteboer haalt, en zo voort. De ideale ‘Binnenstebuiten’- wereld, zeg maar. Ook in de moderne samenleving zijn er allerlei manieren om de menselijke maat terug te winnen. Dat begint al bij de bejegening van de pakketbezorger of de aandacht voor de caissière in de supermarkt. Kwestie van mentaliteit.
Maar alleen met een andere mentaliteit is het niet gedaan. Eén van de stimulerende aspecten van het boek is dat het niet blijft steken in gratuite pleidooien maar met concrete voorbeelden laat zien dat het niet alleen anders kan maar ook al anders gebeurt. Er zijn tal van initiatieven in binnen- en buitenland waarin de nieuwe economie gestalte krijgt. Dat is sowieso een kracht van zijn pleidooi. Alles wat wordt voorgesteld, en het boek is rijk aan concrete voorstellen, bestaat al. De kennis en de ervaring is er, wordt op allerlei plaatsen door creatieve en visionaire ondernemers opgebouwd, vaak in samenwerking met burgerinitiatieven die van onderop de verandering vorm geven. Maar het moet allemaal nog veel meer uitgerold worden. Juist overheden hebben daarbij een cruciale functie. Zij kunnen fungeren als de aanjagers van een nieuwe economie door aan de juiste knoppen te draaien.

Lezen van het boek van Schenderling slingerde mij regelmatig heen en weer. Aan de ene kant liet ik me meeslepen door het vrolijk stemmende optimisme, de oplossingen die zo voor de hand liggen en als het ware al klaar liggen om toegepast te worden. Aan de andere kant botste ik op tegen de weerbarstige realiteit en betrapte ik mijzelf erop hier en daar woorden als ‘naïef’ en ‘onrealistisch’ in de kantlijn te noteren. Als je kijkt hoe het er momenteel in de wereld en in de economie aan toegaat, lijken de fraaie idealen van postgroei verder weg dan ooit. Klimaatbeleid wordt afgezwakt. Duurzaamheid is een vies woord geworden. Klimaatactivisten worden gecriminaliseerd. Aan het roer van de machtigste staat ter wereld staat iemand die dat allemaal maar onzin vindt, klimaatverdragen opzegt, de fossiele energie stimuleert en met protectionistische maatregelen een korte termijn politiek van eigen belang voert.

Zoals Schenderling zelf aangeeft: “Een van de krachtigste troeven die vertegenwoordigers van de oude economie in handen hebben is dat ze het dominante narratief beheersen dat overal op landelijke podia, van het parlement tot talkshows op televisie, wordt uitgedragen. Omdat dit narratief zo dominant en vanzelfsprekend is, is het in de ogen van beslissers en het bredere publiek automatisch geloofwaardig.”
Verandering gebeurt schoksgewijs. Zeker. Maar de recente grote schokken van de kredietcrisis noch van de coronaperiode, toen even de hoop op werkelijke, systematische verandering in de lucht hing, hebben niet tot duurzame veranderingen geleid. Het oude systeem lijkt schokbestendiger en hardnekkiger dan verwacht of gehoopt.

Contranarratief

Misschien hebben we de verbeelding nodig om ons werkelijk een alternatieve toekomst voor te stellen. Verbeelding die aangewakkerd kan worden door alarmistische verhalen over verdwijnende koraalriffen, zich terugtrekkende gletsjers, en andere onloochenbare kenmerken van de grote transitie waar we al volop in zetten. Even zo goed kan die verbeelding gevoed worden door positieve verhalen, zoals het boek van Schenderling laat zien. Over hoe door weldoordachte en wereldwijde maatregelen de gevolgen van de zure regen of de aantasting van de ozonlaag beslissend is teruggebracht of door te wijzen op het succes van de omschakeling naar duurzame energie. Voor het eerst is de hoeveelheid uit zon en wind opgewekte energie wereldwijd groter dan uit die uit fossiele bronnen. En dan te bedenken dat de zonnerevolutie begonnen is als initiatief van een aantal bezorgde Duitse burgers medio jaren negentig. De aarde warmt op, maar als we niks hadden gedaan was deze opwarming nu nog veel groter geweest. Ook dat zijn feiten die in dit boek naar voren worden gebracht.

Kortom, het heeft zin om je in te zetten, op allerlei niveaus. Ook als eenvoudige consument.
Het beste verzetswapen, schrijft Schenderling, is een krachtig contranarratief. Uiteindelijk is de vraag welk verhaal je vertelt, welk verhaal je deelt en welk verhaal je leeft.

De toekomst begint nu.

Paul Schenderling, Continent van de kwaliteit. Hoe Europa een eigen economische koers kan varen, Bot Uitgevers 2025, €27,50

Meer informatie over de boektournee

View Comments (2)
  1. Mooi artikel, Bert. Dank voor de inspirerende samenvatting van plus jouw eigen gedachten bij Schenderlings boek.

  2. Leny Snoep-van Vliet

    Dank voor deze Boekbespreking! Kwam die (ook) tegen in Volzin!
    Het bracht me terug in de 70-er jaren bij Harry de Lange en Bob Goudswaard met hun economie van het genoeg.
    Laten we blijven vertrouwen en hopen op en werken aan klimaatrechtvaardigheid.
    Een hartelijke groet,
    Leny Snoep

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *