Preken

Jezus trekt geen scheidingslijn, Matteüs 15, 21-28

Er is een lied in het Liedboek dat mij dierbaar is:
Jezus roept hier mensen samen
zo verschillend als wij zijn
ras of huidskleur, rangen, standen
Jezus trekt geen scheidingslijn
(Lied 975 couplet 3)

Nee, het staat vandaag niet in de liturgie. Al had het natuurlijk goed gepast, nu we hier in de openlucht en zonder onderscheid met iedereen die dat wil samen zijn. Maar vandaag schuurt die mooie regel – Jezus trekt geen scheidingslijn – toch wel erg veel met wat we net in het evangelie van deze zondag hebben gehoord.
“Ik ben alleen gezonden naar de verloren schapen van het volk van Israël” zegt Jezus nogal kortaf tegen de Kanaänitische vrouw, die bij hem is gekomen om hulp te zoeken voor haar zieke dochter. Nee, jouw soort mensen help ik niet, alleen ons soort mensen.
Zegt Jezus dat werkelijk?
Nou ja, het staat er. En dan moeten we er wat mee.

PRINTVERSIE

Het pijnlijke van deze tekst, kan iedereen van ons wel meevoelen.
Je hebt er vast ook ervaring mee, dat je buitengesloten wordt – dat begint al het schoolplein, of erger: dat gebeurt soms al in het gezin waar je opgroeit, littekens die een leven lang meegaan.
De pijn van het uitzondering zijn. We horen de verhalen van mensen die om hun huidskleur worden gediscrimineerd, de ervaringen van 2e en 3e generaties die nog steeds achtergesteld worden, bij sollicitaties, bij het zoeken van een woning, ga zo maar door. Institutioneel racisme.
Of denk aan de pijn als je het gevoel hebt, door de samenleving op een zijspoor gezet te worden. Dor hout genoemd te worden.

Het lijkt dat in onze samenleving de neiging om je tegen elkaar af te zetten, alleen maar groter en sterker wordt. De felheid waarmee mensen op elkaar reageren, vooral op social media. Of zelfs dat niet, op elkaar schelden vanuit het veilige schuttersputje van het eigen gelijk. Ieder in zijn eigen bubbel. De scherpe scheidingslijn van het wij-zij -denken, waarin alle nuance, want elke ontmoeting met de ander, ontbreekt.
Laat ik niet doordraven. Voor je het weet wordt het zo’n zelfde somber makende opsomming van wat er allemaal mis is vandaag de dag. De litanie van de boze witte man.
Gelukkig dat er een kerk is, waar geen onderscheid wordt gemaakt. Waar iedereen welkom is, zoals hij of zij is, zonder voorwaarden vooraf, zonder ballotage? Dat klinkt goed, toch?

In de afgelopen periode moesten we kerkgangers vragen zich van te voren aan te melden. Allemaal begrijpelijk, maar tegelijk zo tegen het wezen van wat kerk-zijn is ingaand. De idee dat je aan de deur staat, niet om mensen te verwelkomen, maar om ze eventueel te weigeren? Gelukkig is het zover niet gekomen. Je zou altijd buiten gaan vieren…

Ondertussen blijven we in onze maag zitten, met die scheidingslijn.
Want hoe vrolijk dat lied ook beweert dat Jezus geen onderscheid maakt en geen scheidingslijnen trekt – dat doen mensen; de grens is een menselijke uitvinding – ondertussen liegt het verhaal niet. Jezus keurt haar in het begin geen blik waardig, staat er. Zijn overijverige leerlingen, zijn ordetroepen (?), suggereren zelfs om haar weg te sturen ‘anders blijft ze maar achter ons aan schreeuwen’.
Jezus wil niks van haar weten.

Je kunt zeggen, Jezus had misschien zijn dag niet. Kan gebeuren. Als je altijd maar 24/7 de begripvolle Heiland moet zijn, ja dat houdt een keer op. Misschien was hij aan vakantie toe…. Dat kan de besten overkomen?
Leuk en aardig, maar dat is toch wat al te onbenullig als reactie.

Je kunt zeggen, doorlezen dominee. Aan het einde komt alles goed. De vrouw laat zich niet afpoeieren, geeft Jezus van repliek, en uiteindelijk wordt ze geprezen om haar groot geloof, en belangrijker nog: haar dochter is genezen.
Misschien was Jezus wel opzettelijk zo bars, om haar reactie uit te lokken? Onze Lieve Heer had het allemaal in zijn alwetendheid voorzien.
Ook leuk en al wat aardiger, maar zo poets je die eerste opmerkingen van Jezus wel wat te gemakkelijk weg.

Jezus trekt geen scheidingslijn?

Er zit een merkwaardige dubbelzinnigheid in het evangelie van Matteüs op dit punt. Ik heb daar al eerder op gewezen. Aan de ene kant deze lijn, inperkend. Ik ben alleen gekomen voor het volk Israël, of als Jezus zijn leerlingen erop uitzendt, dan zegt Hij: Sla niet de weg naar de heidenen in en bezoek geen Samaritaanse stad (10: 5). Aan de andere kant, het bevrijdende, universele perspectief: Ga heen, maak alle volken tot mijn leerlingen (28: 19), naast al die keren dat Hij zoals hier het geloof van buitenlanders prijst: “Ik verzeker jullie: bij niemand in Israël heb ik zo’n groot geloof gevonden”, als het gaat over de Romeinse officier, en dan voegt Jezus er aan toe: “Ik verzeker jullie dat velen uit het oosten en het westen zullen komen en met Abraham, Isaak en Jakob zullen aanliggen in het koninkrijk van de hemel” (Mat. 8: 11).

Die innerlijke spanning hoort bij het evangelie. Het particuliere en het universele. De boodschap van bevrijding, de verkondiging van Gods liefde, van het Koninkrijk, is uiteindelijk van wereldwijd belang. Maar tegelijk is het ook een boodschap die in concrete en belijnde vorm en traditie gestalte krijgt, dat is de blijvende betekenis van Israël en dat is het belang van de gemeente.
Om het anders te zeggen, Jezus is er voor iedereen, maar niet voor jan en alleman. Jezus houdt van alle mensen, maar hij is geen allemansvriend. Voelt u aan wat ik bedoel?

De hele indrukwekkende dialoog in dit opmerkelijke verhaal, is daar de illustratie van.
Juist in die worsteling van die vrouw, die moedige moeder die vecht voor haar kind, juist daarin wordt duidelijk dat het altijd ook op ons aankomt, op onze keuze, op onze strijd, op onze wil. Jezus verkondigt Gods liefde om niet, maar daar moet je wel voor vechten, dat moet je wel willen, het wordt je niet ongevraagd in de schoot geworpen, je moet het verwerven.

Overal waar Jezus komt, komt het op die persoonlijke beslissing aan.
In elke ontmoeting waarover het evangelie ons vertelt, gaat het om een mens die verandert – en dan gebeurt er iets heilzaams, wordt er iemand genezen, gaan iemand de ogen open enzovoort. Er is één, sprekende, uitzondering. De rijke jongeling ging terneergeslagen weg, hij had namelijk veel bezittingen (Mat. 19: 22).
Als er sprake is van een scheidingslijn, werpen wij die op. Wij zijn meestal onze eigen hindernis.

Het is een feest om vandaag onze gemeenschap te kunnen vieren, met alle beperkingen die nog even blijven gelden. De afgelopen tijd, waar we trouwens nog volop inzitten, roept allerlei ervaringen op, hebben we gehoord. Het bepaalt ons op een nieuwe en onverwachte manier ook bij ons zelf, bij de kwaliteit van ons gemeenschap zijn.
Dat is op zich niet verkeerd. Integendeel.
Het is ook een kans, om weer dichter bij de eigenlijke vragen te komen, wat nu precies gemeente van Jezus Christus is, en hoe dat gestalte krijgt, in gezamenlijkheid en in verbondenheid.

Misschien dat dit verhaal ons daarbij wat aanreikt.
Het belang om je diepste verlangen te volgen, zoals die vrouw ons voordoet, om je niet neer te leggen bij onmogelijkheden, om openingen te forceren waar anderen gesloten deuren zien. Want dat is ook geloven, tegen de klippen op.

Misschien dat het lied, dat we vandaag dus niet zingen, ons kan inspireren. Daarmee sluit ik af:
Ga met vrienden en met vreemden
ga met mensen, groot en klein,
ga met zaligen en zoekers
die op zoek naar waarheid zijn.

Previous Post Next Post

2 Comments

  • Reply Jac Franken 15/08/2020 at 19:55

    hoi Bert,
    Mooi verhaal waar ik me aanstaande zondag ook mee bezig houdt. Ik kan het niet laten om dan een opmerking over zwarte piet te maken.
    Wat mij opvalt in dit verhaal is dat Jezus zich bekeert van zijn opvatting ‘alleen het eigen volk’ en dat doet op grond van het geloof (de moed, de vasthoudendheid, de inzet) van deze vrouw. Dat geloof in het bestaansrecht van ieder mens bestaat kennelijk ook buiten Israel (zoals ook bij die Romeinse hoofdman). We hoeven dat geloof niet te exporteren (via de zending) maar kunnen proberen het met opmerkzaam luisteren en open staan te vinden en ons daarover te verwonderen. Dat zet onze klassieke export-zending en onze opvattingen over andere religies en culturen op zijn kop.
    Groet, Jac
    PS met herinneringen aan onze inzet voor het MA werk in Gelderland…..)

    • Reply Bert Altena 15/08/2020 at 20:14

      Dank voor je reactie. De herinnering aan de tijd in Gelderland koester ik ook.
      Een paar jaar geleden preekte ik over het zelfde verhaal bij Marcus,
      https://www.bertaltena.com/grensverkeer-marcus-724-30/
      Daarin heb ik andere elementen uit het verhaal belicht, zoals jij ook aangeeft.
      Een mooie viering gewenst…

    Laat een reactie achter aan Bert Altena Cancel Reply