Jean-Jacques Suurmond, Zin in een goed gesprek

De laatste woorden van Fritz Perls, de godfather van de gestalttherapie, waren naar verluidt ‘You will not tell me what to do’. Dat zei hij tegen een verpleegster in het ziekenhuis te Chicago waar hij was opgenomen voor een hartoperatie die hem uiteindelijk fataal werd.
Perls (1893 – 1970) leefde intensief en woonde en werkte op verschillende plaatsen in de wereld. Hij was een kettingroker en een rokkenjager. Wereldberoemd werd hij met zijn gestalttherapie, die hij samen met zijn vrouw Laura ontwikkelde, al kreeg zij van hem niet altijd de credits. Zo schreef ze mee aan zijn publicaties zonder dat haar naam op enig titelblad werd vermeld. Hij was in zijn tijd een beroemdheid en een cultheld van de hippies in de jaren zestig. Perls liet zich alle aandacht gretig aanleunen.
In het aanhangsel van het instructieve boek Zin in een goed gesprek. Gestalt voor coaching en pastoraat – en eigenlijk iedereen, van Jean-Jacques Suurmond vinden we wat achtergrondinformatie over de gestalttherapie en het echtpaar Perls. Je zou er een psychoanalyse op los willen laten.

Het heeft iets ironisch dat deze aartsindividualist de gesprekstherapie heeft ontwikkeld waarin alles draait om het samenzijn in de ontmoeting, de ik-jij relatie. We zijn als mensen wezenlijk op elkaar betrokken. Er is geen ik zonder jij. Ik word ik aan jou.
De gestalttherapie schenkt bijzondere aandacht aan de setting waarin de ontmoeting plaatsvindt. Er is een achtergrond en er is een voorgrond en die perspectieven kunnen wisselen. Beroemd is de tekening waarin je óf een wijnglas ziet óf twee gezichten face-to-face, afhankelijk van wat – letterlijk – door jou op de voorgrond wordt gezet. Maar je ziet nooit het glas en de gezichten tegelijk. Aandacht voor de wisselende perspectieven zorgt voor een eigen dynamiek én openheid in het gesprek: “Zodra we iets benoemen in de achtergrond, wordt dat voorgrond (…) Iets kennen is altijd voorgrond, met als (achter)grond het niet-weten. Vandaar dat er altijd meer is dan we kunnen kennen. En dat is maar goed ook. Zou iemand de grond wel kunnen waarnemen, dan zou die macht hebben om te bepalen wat voorgrond wordt, wat grip op relaties geeft. Dat is een illusie die zowel achterdochtige partners als dictators najagen. In plaats van een avontuur, wordt contact iets wat je plannen en berekenen kunt” (p. 76).

Suurmond is theoloog en werkte als predikant en geestelijk verzorger. Daarnaast is hij gestaltsupervisor en begeleidde hij tal van coaches en therapeuten. Uit zijn jarenlange praktijk geeft hij verhelderende voorbeelden waarmee hij overtuigend laat zien hoe vruchtbaar de inzichten uit de gestaltschool zijn.

Belangrijk is de kunst van het waarnemen. Een gesprek is niet zozeer het uitwisselen van woorden of gedachten, het lichaam spreekt mee. Aandacht voor de lichaamstaal –  hoe zitten we erbij? – is een vrucht van de gestaltbenadering.
Daarnaast is het van belang dat de therapeut geen oplossing komt aandragen, maar benoemt wat hij of zij waarneemt. Het als het ware teruggeeft, en zo bij de gesprekspartner een zeker bewustzijn probeert wakker te roepen en hem of haar aanmoedigt verantwoordelijkheid te nemen.
Typisch in de gestalttherapie is de ruimte voor experimenten, manieren om uit het verbale gesprek te stappen door een oefening – de befaamde derde stoel bijvoorbeeld – of door fysieke interventies. Het komt allemaal voorbij in dit boek.

Via begrippen als de contactcirkel, de contactstijlen en de verschillende fasen in het contact, worden we ingeleid in de gestaltbenadering. Vanuit zijn eigen achtergrond benadrukt Suurmond het zingevingsaspect in de geestelijke begeleiding, maar niet op een dogmatische manier. De kernvraag die een geestelijk begeleider stelt: ‘Wat is God aan het doen in je leven?’ luidt voor een niet-gelovige ‘Wat wil het Leven jou vertellen?’: “Ook hier is niet de inhoud het belangrijkst, maar het proces. Aandachtig waarnemen en een ontvangende, lege houding zijn kenmerkend. Als geestelijk begeleider ben je onbezorgd aanwezig, als een getuige van wat zich in de ander voltrekt” (p. 248).

Voor iedereen die (professioneel) gesprekken voert, geeft dit boek veel herkenning. Het maakt je weer bewust van wat er in een gesprekssituatie allemaal meespeelt en hoezeer het erop aankomt. Maar ook, hoe ieder gesprek in de kern een ongrijpbaar avontuur is.

Dit waardevolle boek helpt om je eigen gesprekken te verdiepen. Prettig is dat het praktijkgericht is en niet zwaar zucht onder de theorie. Maar vooral: dat het mij niet vertelt wat ik moet doen…

Jean-Jacques Suurmond, Zin in een goed gesprek. Uitgeverij Skandalon Middelburg 2025, 272 pag., € 27,99

Schrijf een reactie

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *