Gisteravond was ik eventjes in de hemel. Dat wil zeggen, ik was bezoeker van De literaire hemel, een avond die gehouden werd in café De Amer te Amen. Er waren drie gastsprekers, maar ik was vooral gekomen voor Franca Treur, de schrijfster van hét debuut van 2009 (Dorsvloer vol confetti, ik schreef er eerder over).
Ze is inmiddels een bekende Nederlander aan het worden en zeker in de boekenweek krijgt ze nogal wat media-exposure. Haar verhaal over een jong meisje dat opgroeit in een orthodox gezin, voor een belangrijk deel autobiografisch geïnspireerd, is kennelijk in Nederland nog steeds een gewild thema.

Als je al verschillende interviews met haar gezien hebt en diverse recensies gelezen, valt het niet mee om nog iets nieuws te horen. Dat gebeurde gisteravond ook niet. Maar het is altijd leuk om een auteur in het echt te zien, haar te horen spreken met haar licht Zeeuwse accent (vooral als je daarvoor een Drentse dichter hebt gehoord) en vooral natuurlijk om een handtekening te scoren. Trots vermeldde ik, voordat ik haar vroeg mijn boek te signeren, dat ik een eerste druk bezit. Gelukkig was Franca zo vriendelijk om mij daarmee te complimenteren: “je was er vroeg bij”. Ik voelde me echt even in hemelse sferen.
Het interview is op RTVDrenthe terug te horen, zondag 21 maart tussen 14.00 en 15.00 uur.
Interessant is ook de lezing van haar bij de opening van de tentoonstelling Kunst en reformatorisch en zo, te zien op YouTube (let ook op de kleine ‘Katelijne’ achter haar!)
Een heel bijzonder boek, maar ook aangrijpend, iets waardoor ik niet direkt in hemelse sferen raak. Het is een aanklacht tegen de falende gemeenschap die kerk genoemd wordt. Wat kunnen we nog voor haar (en zovele anderen) betekenen.
Een prachtig kind van God, wat een gaven!… en dan dit. Mijn hart doet pijn.