Preken

Serious Request, een preek tegen mensenhandel (Micha 6: 1 – 8)

Beste mensen, gemeente van onze Heer,

Of ik dan niet een preek tegen de mensenhandel kon houden.
Het was de even spontane als welgemeende opmerking, in het overleg dat we een paar weken geleden hadden met allerlei organisaties hier in het dorp, ter voorbereiding op de ontvangst van de Serious Request-karavaan. Een preek tegen de mensenhandel. Waarom ook niet?

Tja.
Ik zal het niet onnodig ingewikkelder maken dan het is, maar zo eenvoudig is het ook weer niet.
Want als de preek een thema volgt, dan loop je al snel het gevaar dat gezegd wordt wat je toch al vindt, en dat is geen preek. De preek is geen praatje voor eigen parochie. Een preek is niet bedoeld om je eigen gelijk te bevestigen.
Dan daarbij, wat zou dat te betekenen hebben, een preek in een dorpskerk op een verloren zondag tegen mensenhandel. Wie is daarvan onder de indruk? Mensenhandel is een thema dat zich wereldwijd in allerlei variaties voordoet, daar iets van vinden is één ding, daar iets tegen doen, daar is toch geen beginnen aan. Ja, je kunt van Goes naar Groningen wandelen en geld inzamelen voor het Rode Kruis. Maar er iets aan doen met een preek? Dat is alsof je met een bot mes je kerstbiefstuk wilt snijden.
Daar komt nog iets bij. Als het gaat over preken, dan denkt de dominee meteen aan de tekst van de zondag. Want ja, de kerk preekt niet zomaar wat, maar volgt de lezing van de zondag. En dat is een goed ding.

Nu worden we wat dat laatste betreft geholpen.
Want op deze zondag, de derde zondag in de Adventsperiode, lezen we woorden van de profeet Micha. Die gaan over gerechtigheid – een echt bijbels, een echt profetisch woord. Gerechtigheid is net even iets anders dan in je recht staan, ieder het zijne. Bijbelse gerechtigheid is partijdig, heeft vooral oog voor het zwakke en het kleine, voor de slaven in Egypte, voor een ongehuwde zwangere vrouw die voorwerp van spot dreigt te worden – de maagd Maria – , voor de armen van het land. Gerechtigheid gaat over rechtvaardige verhoudingen. De profeet klaagt de misstanden van ZIJN tijd aan. Het zijn geladen woorden, als hij zich als het ware opstelt op de positie van God zelf, die zijn aanklacht richting het volk doet: zijn jullie vergeten hoe ik jullie heb bevrijd uit de slavernij? Er wordt herinnerd aan de uittocht uit Egypte, aan de doortocht door het water van de zee en door de woestijn en aan de intocht in het beloofde land, het land waar alles anders zou zijn. Hoe kan het dan dat je vandaag de dag anderen in slavernij en afhankelijkheid laat bestaan? Hoe kan het dat je zelf het onrecht laat voortduren? Dat is zo’n beetje de strekking van Micha’s woorden, het refrein door het hele boek Micha heen. Micha verzet zich tegen religieuze misstanden, maar evenzeer tegen sociale en politieke misstanden.

Het komt samen in het bekende Micha 6 vers 8:
Er is jou, mens, gezegd wat goed is; je weet wat de Heer van je wil: niets anders dan
– recht te doen
– trouw te betrachten, en
– in bescheidenheid de weg te gaan van je God.
Al het goede komt in drieën.

Een van de mooie dingen van deze tekst is, dat er staat: ‘mens’. Er staat niet dat Micha zich richt tot de inwoners van Jeruzalem, tot de mensen van zijn eigen volk alleen, of nog erger, zich beperkt tot de gelovigen. Dat is wel zijn publiek, in de tijd waarin hij leeft, maar in deze gecomprimeerde tekst wordt iedereen aangesproken, er is jou, mens, gezegd wat goed is… We worden aangesproken op onze menselijkheid. Ieder mens weet diep van binnen immers wel, wat goed is, wat er van je gevraagd wordt, recht en trouw en bescheidenheid. De menselijkheid bevorderen – daar past inderdaad geen mensenhandel bij.

Daar komt nog iets bij.
De kritiek van de profeet concentreert zich op de religieuze praktijk. Hij is om het deftig te zeggen: cultuskritisch. Wat hebben die brandoffers en huldeblijken en lofzangen voor zin, als je tegelijk het onrecht laat voortbestaan? Dat kun je alleen begrijpen tegen de achtergrond van de tempeldienst in die tijd, maar de strekking is natuurlijk van alle tijden. Als jouw religieuze praktijk, bidden, zingen, loven en prijzen, geen gelijke tred houdt met je praktische religie, met wat je doet en laat in het dagelijks leven, met je handel en wandel, als dat niet convergeert dan heeft al die religieuze rimram geen enkele waarde, sterker nog, dan kan het zich tegen jezelf keren.
Of in gewoon Nederlands: practice what you preach.
Als wij vandaag de maaltijd vieren, is dat precies aan de orde. Waar je leert, door te doen, dat het geheim van het leven bestaat uit delen van wat je geschonken wordt, daar kan het natuurlijk niet bestaan dat wij dat daarbuiten zouden vergeten, of nalaten, of erger: niet delen, maar nemen en ons toe-eigenen wat niet van ons is.
(Even voor de ingewijden: je zelf een oordeel eten en drinken, woorden waar heel veel mensen over gestruikeld zijn, gaat daarover. Niet over dat we niet slecht genoeg over onszelf zouden denken, maar dat we niet doen wat van ons wordt gevraagd.)

De drievoudige zin van Micha 6 vers 8, recht doen, trouw en bescheidenheid betrachten, is als je de tekst zorgvuldig leest, het antwoord op de vraag daarvoor: ‘Wat kan ik de Heer aanbieden, waarmee hulde brengen aan de verheven God?’ met andere woorden: welk offer wordt van mij gevraagd, dan is dat precies deze menselijke waarden. Daarmee is de Heer gediend. Dat is eredienst, waar de menselijkheid wordt gediend.

Dus, een preek tegen mensenhandel?
Ik hoop dat u doorhebt, dat het vanmorgen door alles heen klinkt. Door wat we preken en wat we praktiseren, straks.
Maar daar moet nog een derde ding bij. Alle goede dingen komen in drieën.

Het eerste is, dat wij allemaal worden aangesproken, er is jou, MENS, gezegd wat goed is
Het tweede is, dat wat wij doen en laten, samenhangt met wat wij geloven en omgekeerd. De geloofwaardigheid van het geloof blijkt uit onze daden.
Het derde is, dat we het aandurven dat kritisch op ons zelf te betrekken.
Dat maakt van een praatje een preek. Dat is precies wat in de profetische kritiek aan de orde is.
Het gevaar is altijd dat je jezelf aan de goede kant van de streep waant. Dat je preekt tegen anderen, tegen misstanden, praat over dingen die iedereen toch al vindt.

U kent dat grapje over het jongetje dat ondervraagd werd om te controleren of hij wel naar de kerk was geweest. – Nou, waar heeft dominee over gepreekt? – Over de zonde. – O, en wat zei hij daarvan? – Hij was er op tegen.

Mensenhandel. Daar ben ik op tegen. Ja, maar daar doe ik toch niet aan? Daar maak ik mij niet schuldig aan? Ik prostitueer geen weerloze vrouwen. Ik ben geen louche koppelbaas…

Nee, maar ik bestel wel pakketjes via Internet, waardoor ik mede een systeem in stand houd waarin mensen op onzalige tijden, ’s nachts, moeten werken en bezorgers in wurgconstructies een inkomen bij elkaar moeten sappelen. Moderne uitbuiting.
En nee, ik bezondig me niet aan prostitutie, maar wist u dat de populairste bestemming in Amsterdam, dat steeds meer overspoeld wordt door budgettoerisme, niet het Rijksmuseum is en ook niet de rondvaart door de grachten, maar het Red Light District (net na Madame Tussaud)  – waar vrouwenuitbuiting wordt verkocht als toeristisch vermaak – Pretpark de Wallen. En daar verdienen heel wat mensen weer hun geld aan.

Het zijn zo maar een paar voorbeelden, die pijn doen.
Ook dat gaan we hier niet oplossen, maar het is gezegd, omdat we het ons zelf niet te gemakkelijk mogen maken.
Overal waar mensen worden gedegradeerd tot middel, om je aan te verrijken, om je boven te verheffen, om je tegen af te zetten of om je zelf te rechtvaardigen, waar de andere mens, mijn mede-mens middel wordt in plaats van doel, is misschien al sprake van mensenhandel. Dan gaan economische wetten onze relaties bepalen. En in dat systeem doe ik ook mee, soms onbewust, soms tegen wil en dank.

Dat hoeft niet.
Het kan anders.
Dat begint al bij je zelf, het begint al in de eigen kring waarin we dagdagelijks verkeren.
Daar hebben we elkaar voor nodig.
Je kunt het leren, van elkaar, met elkaar en door open te staan voor ieders ervaringen.
Je kunt het oefenen. Door te delen en te geven, van je eigen overvloed. Is dat niet: ere-dienst?

Amen

Vorig bericht Volgend bericht

Nog geen reacties

Laat een reactie achter