Blog

niet in het minst

Ik lees een preek uit een bundel, afkomstig uit een tas vol boeken die ik recent bij een vriendelijke mevrouw heb opgehaald. Zij ruimt haar appartement op. “U weet er vast wel een bestemming voor”. Nu hebben prekenbundels mijn professionele belangstelling, dus die heb ik er maar voor mezelf uitgevist. Altijd goed om te zien hoe een collega het doet.

Al lezend struikel ik over de volgende passage:
Als onze kinderen niet meer naar de kerk gaan is dat reden tot verdriet. Ook en niet in het minst voor God. Ook Hij had het graag anders gezien.

Zó … zou ik het dus nooit zeggen.

Deze predikant weet blijkbaar zeker dat God er verdriet van heeft dat onze kinderen niet meer naar de kerk gaan. En bovendien dat Hij het ook graag anders had gezien. Hoe precies, dat blijft in het ongewisse. Zou God graag willen dat de kinderen naar dezelfde kerk gaan als hun ouders, of vindt Hij het ook OK als ze voor een andere kerk kiezen? Gaat het om wekelijks kerkgang of is één keer in de maand ook voldoende in de ogen van de Almachtige, of kom je zelfs weg met een nog lagere frequentie?

Ik wil het niet in het belachelijke te trekken. Ook wil ik geen onrecht doen aan de collega en al helemaal niet aan zijn preek die opvalt door de pastorale toon en de troostende inhoud. Toch speelt er op de achtergrond iets mee, dat me intrigeert en dat is precies de reden waarom ik bij dit fragment blijf steken.

De moderne theologie probeert bij het spreken over God los te komen van het theïsme. Theïsme is, over God spreken als een uitvergroot persoon. Bijvoorbeeld als God wordt gezien als de Grote Regisseur die alles bepaalt en overal een bedoeling mee heeft. Of zoals hier, wanneer over God wordt gesproken op dezelfde manier als over onze menselijke gevoelens. Deze manier van spreken over God heeft voor veel mensen haar overtuigingskracht verloren.
In het theïsme is sprake van een stelligheid die vandaag vooral vragen oproept: hoezo weten wij wat God er van vindt of denkt? Reageren dat God echt wel wat anders aan zijn hoofd heeft dan de burgerlijke zorgen van ouders die hun kinderen niet meer in de kerk zien – vrede in het Midden-Oosten, om maar wat te noemen (echt een hoofdpijndossier) of de opwarming van de aarde (trending topic) – blijft gevangen in het theïstische schema en helpt dus niet echt.

Hoe dan wel? De vraag hoe we wel over God kunnen/moeten spreken, het thema van het posttheïsme in de theologie, houdt mij bezig en daar ben ik nog lang niet uit.
Ik denk niet dat wij in ons spreken over God (de preek) moeten doen alsof wij zeker weten wat Hij (Zij?) van onze zorgen vindt, maar ik geloof wel oprecht dat wij die zorgen in ons spreken tot God (het gebed) mogen verwoorden. Dat lijkt me een belangrijk onderscheid, in theologische en in praktische zin.
Ooit zei iemand tegen mij dat hij met zijn kinderen niet over God praatte maar met God wel over zijn kinderen. Het is misschien een pastoraal cliché of een preekstoplap, maar ik heb het altijd een mooie uitspraak gevonden, ook al komt het vast niet door de posttheïstische stresstest.

Een psychologisch gevoelige lezer(es) zal misschien zeggen dat het feit dat ik juist over deze passage in deze preek ben gestruikeld vast te maken heeft met mijn eigen kinderen (inderdaad, die ook geen reguliere kerkgangers meer zijn). Dat zal ongetwijfeld. Wie kent zijn eigen onbewuste motieven?
Toch, als je het mij vraagt of ik daar verdriet van heb, dan zou ik eerlijk zeggen: niet in het minst.
Maar …. weet ik dat wel zeker…?

Vorig bericht Volgend bericht

2 Reacties

  • Reply Marijkedenhoedt 05/06/2018 at 18:01

    Mooi!

  • Reply Janny Janssen 05/06/2018 at 18:40

    Bidden voor je kinderen houdt nooit op, vind ik.
    Wanneer je niet met je kinderen over God praat, maar wel met God over je kinderen, dan is dat alleen wanneer je kind(eren) er (even) niet(s) meer van wil weten. In het geval je kind gelovig is dan is het juist fijn om ook met je kinderen over God, Bijbel en kerk etc. te praten. In ons gezin tenminste wel.
    Kinderen maken soms andere keuzes dan jij, dat moet je respecteren, tegelijk hoop en bid je dat God hen door Zijn Geest toch de juiste weg wil wijzen.
    Ook Jezus zoekt de verloren schapen toch op?

  • Laat een reactie achter