Preken

een open huis, Kerstmeditatie Mat. 2: 1-11

De drie wijze mannen volgen de ster.
En de ster brengt hen naar Betlehem, naar het huis waar Jezus is geboren.

Ze gaan er naar binnen om hun geschenken te brengen.
Jozef en Maria krijgen kraamvisite.
En zoals iedere jonge ouders, ze ontvangen deze met open armen, want wie wil er nu niet zijn pasgeboren kindje laten zien. De hele wereld mag het weten.

De traditionele Kerstverhalen uit de Bijbel hebben natuurlijk een hoog symbolisch gehalte. Wat er wordt verteld heeft tegelijk een diepere betekenis.
Jezus’ geboortehuis is een open huis. Jozef en Maria beoefenen de oosterse gastvrijheid. Wie op bezoek komt, ook al zijn het volslagen vreemden, is welkom.
En iedere gast heeft natuurlijk een geschenk meegebracht. Niemand komt met lege handen.

Op oude schilderijen zie je soms het Kerstkind op Maria’s schoot, al als een kleine volwassene staat het rechtop en houdt het zijn hand zegenend en groetend omhoog – ongeveer zoals het kerstkind vorige week hier bij het eindpunt van de Kerstwandeling.

Want dat is ook een betekenis van dit verhaal. Iedereen is welkom bij het kind dat is geboren, bij Jezus – Gods eigen zoon.
ook al zal het zelf al heel snel in het verhaal de vijandschap van de wereldse machten – Herodes – ervaren; al zal het zelf in zijn eigen leven, het verhaal dat in het vervolg van het evangelie wordt verteld, vooral tegenstand en onbegrip ontmoeten, zozeer zelfs dat dit hem fataal gaat worden;
het begint met het open huis, met de open handen, met de gastvrijheid en de ontvankelijkheid.
Jozef, Maria en Jezus, het menselijk gezin, beoefenen de welkomcultuur, de menselijkheid bij uitstek.

Het is duidelijk waartoe het verhaal oproept.
Om zelf ook je deur open te stellen. Van je huis en van je hart. Om zelf ook de welkomcultuur te oefenen. De deur van onze samenleving open te houden voor ieder die daar deel van uitmaakt.

De afgelopen dagen is de 14e editie van Serious Request gehouden, het Glazen Huis, voor het Rode Kruis. Dit keer werd er geld ingezameld om ouders en kinderen te herenigen na een ramp of conflict. In de krant (Trouw, 18 dec.) merkt de Vlaamse filosoof Ignaas Devisch daar over op, dat het wat merkwaardig is dat wij massaal geven voor dit doel, terwijl tegelijkertijd het Nederlandse vluchtelingenbeleid verder is verscherpt. Letterlijk zegt hij: We kunnen twee panda’s op Schiphol buitengewoon hartelijk welkom heten en tegelijk zeggen dat vluchtelingen die op de Middellandse zee verdrinken dat aan zichzelf te danken hebben”. Dat is inderdaad dubbel.

Natuurlijk. Niet iedereen kan een vluchteling in huis nemen.
Dat is ook niet de oplossing. Persoonlijke betrokkenheid kan de structurele maatregelen niet vervangen, merkt Devisch op. Maar solidariteit en rechtvaardigheid zijn begrippen die tegenwoordig op de achtergrond raken.

Om de grote problemen in een snel veranderende wereld aan te pakken, zijn politieke en structurele oplossingen nodig. Dat is, laten we zeggen, een behoorlijke uitdaging.
Maar het begint wel in het persoonlijke. Het begint altijd ook bij je zelf.
Met hoe we over elkaar praten en met elkaar. Met hoe we proberen grenzen, die er natuurlijk zijn, te overbruggen. Met hoe we proberen over onze eigen schaduw heen te springen.

Misschien lijken we met deze opmerkingen ver verwijderd geraakt van de drie wijze mannen daar op de stoep van het huis in Betlehem. Maar ik denk dat dit daar alles mee te maken heeft.
Kerst betekent ook, aangeraakt en geïnspireerd worden door dit Kind en door de Geest die hij in deze wereld binnenbrengt en verspreidt.
Het betekent, openstaan voor nieuwe mensen, nieuwe ideeën, nieuwe ontmoetingen, nieuwe ontdekkingen. De gastvrijheid oefenen. De welkomcultuur bevorderen.

Als dat gebeurt, dan gaat het open huis van Kerst ervoor zorgen dat er meer huizen opengaan, harten opengaan, dat in vastgeroeste situaties openingen worden gevonden, dat in vastgelopen relaties een begaanbare weg wordt geopend.

Ten slotte,

in het Kerstnummer van de Open Deur vond ik een gedicht van André Troost, waarvan ik de laatste twee strofen graag voorlees als slot van deze overdenking:

Om zwervers te bereiden
een plaats, een vaderhuis,
een woning en een weide,
een moederstand, een thuis,
daartoe is Hij gekomen,
daartoe is Hij gegaan –
en nog waait door de bomen
de Geest, bij Hem vandaan.

Om ons een huis te bouwen
voor bunker en barak,
om vleugels te ontvouwen
voor mensen zonder dak,
daartoe is Hij geboren,
daartoe waait nog de wind –
wie oren heeft, die hore
het roepen van dit kind.

AMEN

 

Vorig bericht Volgend bericht

Nog geen reacties

Laat een reactie achter