Preken

berg op, berg af (Mat. 17, 1-9)

Er zijn dagen, dan lukt alles je.
Op je werk gaat het vlot. De klus waar je anders soms een tijd mee bezig bent, is in een ommezien geklaard. Je bent al een tijdje aan het broeden, hoe je een bepaald probleem moet aanpakken, en opeens gaat het vanzelf.
Kunstenaars hebben dat soms. Een golf van creativiteit. Je zit in een flow. Topsporters spreken over die ene race, die ene wedstrijd, als alles klopt, als het er precies zo uitkomt waar je altijd voor hebt getraind.
Koester die momenten, want we weten dat ze maar zelden voorkomen.

Ik zag eens een documentaire over een klooster. Dagelijks waren er meerdere gebedsdiensten. Eén van de oudere broeders vertelde dat hij in al die jaren maar een paar keer tijdens die gebeden een echte godservaring had gehad, terwijl hij daar toch dagelijks naar op zoek was.
De dag dat alles klopt. Dat is wat we zoeken, voortdurend, maar het is maar zeldzaam dat je dat beleeft. ‘Er is altijd wel wat’, zou je kunnen zeggen. Misschien wel een geschikte definitie van het leven zelf: er is altijd wel wat .

Vandaag denken we na over het verhaal van de verheerlijking op de berg.
Boven op de berg, wordt er als het ware een stukje hemel op aarde getoond. Zo zou het moeten zijn. Licht, stralend, overweldigend licht. Geen spoortje van duisternis, van schaduw.

Alles klopt.
Maar het verhaal loopt af, zoals het bij ons ook gaat. De werkelijkheid is heel wat ruwer en rauwer en zoals het heet: realistischer. Wat je daar ziet, kun je niet vasthouden, ook al zou je het willen. ‘Er is altijd wel wat’. Ze moeten met elkaar weer de berg af, letterlijk en figuurlijk, terug het gewone leven in. De grote ontnuchtering tegemoet?

Er zitten verschillende aspecten aan dit verhaal. Het verhaal vertelt iets belangrijks over wie Jezus is. Daarom die stem vanuit de hemel: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde’. Dezelfde woorden die eerder hebben geklonken bij de doop. Daarnaast vertelt dit verhaal over de weg die deze Zoon, Jezus, gaat. Het is niet voor niets een verhaal dat de kerk leest op deze zondag, op weg naar het Paasfeest. Want hier wordt iets verhelderd, net als vorige week in de woestijn, dat te maken heeft met het hart van zijn missie.

We herkennen de berg, als bijzondere locatie.
Het gaat niet om historische nauwkeurigheid, dus blijft onvermeld welke berg het is. Maar de boodschap spreekt. Op de berg vindt in de Bijbel vaker een openbaring plaats. Als God zich bekendmaakt aan het volk, dan is het doordat hij Mozes de berg op laat klimmen om hem daar in zijn eigen onbenaderbaarheid te ontmoeten.
Als Jezus in het evangelie zijn leer begint te verspreiden, dan gaat hij de berg op en spreekt hij de zgn. Bergrede uit. De berg als heilige plaats; dichterbij de wereld van de goden is als zodanig ook in andere religies bekend.

De beide gestalten die plotseling verschijnen, zijn daar om opnieuw de boodschap te onderstrepen. Mozes en Elia. Ze staan model voor de Wet en de Profeten, zeg maar, voor de traditie.

Ondertussen baden alle drie in wit, hemels licht. Opnieuw een gegeven dat een eigen boodschap heeft. Het is alsof de hemel zich opent – net als bij de doop – om te onderstrepen dat deze Jezus het is, die het hemels keurmerk draagt. ‘Dit is mijn geliefde Zoon … Luister naar Hem’.

Wat wij de verheerlijking op de berg noemen, wordt in de orthodoxe traditie de transfiguratie genoemd. Gedaanteverandering. Het is een onderwerp dat op tal van iconen wordt afgebeeld. Iconen spelen een belangrijke rol in de oosters orthodoxie spiritualiteit en liturgie, waarbij de iconen een eigen rol spelen, om je als het ware mee te voeren naar hemelse hoogten.

In het Bijbelverhaal stelt Petrus voor om drie tenten op te slaan, want ‘het is goed dat wij hier zijn’ (vers 4). Dat idee blijft op een merkwaardige manier in de lucht hangen. Er wordt niet op gereageerd. In plaats daarvan staat er dat er, als hij dat nog niet heeft gezegd, een schaduw over hen heen glijdt, een stralende wolk, en dat er uit die wolk de stem klinkt. De leerlingen vallen van schrik op de grond.
Dan komt Jezus dichterbij, raakt ze aan zegt: Sta op, wees niet bang. En als ze dan hun ogen opendoen, zien ze niemand meer dan Jezus alleen. Het volgende dat dan wordt verteld is, hoe ze met elkaar de berg afdalen. Jezus verbiedt hen erover te spreken.
Ze gaan weer terug. En het duurt maar even of de mensenmassa dringt zich weer aan hen op, schreeuwend om aandacht, roepend om medelijden (vers 15).

Wat betekent dat nu allemaal?
Dat Petrus voorstelt om tentjes te bouwen (tabernakels) wordt meestal zo uitgelegd, dat hij de vergissing maakt om te denken dat je de hemel op aarde vast kunt houden.
Misschien zit er impliciet een verwijt naar de kerk in, want Petrus staat in het evangelie model voor de kerk die later is ontstaan. Een stukje zelfkritiek op een kerk die meent het hemelse op aarde te kunnen realiseren, bijvoorbeeld met een liturgie die zo zoetgevooisd is dat je je in de hemel waant. En wie in hemelse sferen verkeert, dreigt de wereld te vergeten.

samenMaar, zo gaat het niet.
Hoewel Petrus niet wordt tegengesproken of vermaand, wordt uit het vervolg wel duidelijk dat het verhaal niet zijn spits vindt in de verheerlijking of de transfiguratie op de berg, maar dat het er op uitloopt dat ze weer de berg af moeten, het gewone leven in.
Na de bijzondere ervaring op de top van de berg, is alles weer gewoon. Als de stem geklonken heeft en de stralende heerlijkheid is opgetrokken, als mist in de bergen, dan ook is alles weer zoals het echte leven is. Opgeklaard. Nuchter. Dan gaat het, van de berg af, de wereld in, waar de mensen wachten, waar de weg moet worden vervolgd.

Geloof en kerk vervullen verschillende functies.
Voor sommigen is vooral die functie van belang, dat de kerk een soort veilige haven in een onveilige wereld biedt. De kerk, de ruimte waar je op adem kunt komen. Waar je even in een andere wereld bent, iets van de hemelse heerlijkheid ervaart, in de schoonheid van het lied, van de gebeden, van de aanbidding, van het gebouw. Zeg maar, de oosters orthodoxe impuls.

En misschien is het wel heel protestants, om de nadruk te leggen op het actieve, het activistische. Of om het in de termen van ons verhaal te zeggen, op het van de berg afgaan – de nederdaling ? – om je volop in de wereld te storten en alles wat daar te doen is. Om te zeggen: de eigenlijk dienst begint pas, als de dienst hier is afgelopen. De protestantse impuls is, om de liturgie maar zo sober mogelijk te houden, om geen tenten op te slaan in de hemel. Of zoals ik het bij iemand vond geformuleerd, om niet uit de wereld verlost worden, maar in de wereld verlossing te brengen.

Maar misschien is het wel het beste, om die twee niet teveel tegenover elkaar te plaatsen, alsof ze elkaar uitsluiten. Dat is onvruchtbaar. De hemel concurreert niet met de aarde. Uiteindelijk ligt de spits van het verhaal daarin, dat hier opnieuw de Zoon wordt aangewezen. Dat is het grote (leer)moment en misschien wel de eigenlijke verheerlijking of openbaring of verlichting.

Ook dit verhaal wordt verteld, om de weg van Jezus te verhelderen en om er, voor ons, nieuw licht op te werpen. Deze Jezus is het, die de traditie aanwijst en die zelf de traditie van de bevrijdende God voortzet. En Hij doet dat, door de weg die Hij gaat. Niet door in hemelse sferen te blijven, maar door geheel en al neer te dalen in onze werkelijkheid. Dát klinkt met zoveel woorden door in de stem die van de hemel komt. De stem die ons angst aanjaagt, de leerlingen vallen neer en verbergen van angst hun gezicht. Maar juist dan is er de zachte aanraking van de Meester en klinkt het Paaswoord: Sta op, wees niet bang. En ze zagen niemand meer, alleen Jezus.

Alleen Jezus. Maar dat is genoeg.
Want waar anders dan bij Hem en bij de weg die Hij gaat, zouden wij het willen zoeken, als het erom gaat nieuw licht te werpen op ons leven, hemels licht?

We leven in een verdeelde wereld en met een gespleten bewustzijn en we liggen soms geweldig met ons zelf overhoop: Er is altijd wel wat. Maar in die wereld, met alle verwarring en onbegrip, die bij het leven zelf horen, hoeven wij niet bang te zijn. Want op die weg is Hij zelf gegaan, om het bevrijdende verhaal van God te brengen.

De hemel daalt op aarde neer.
AMEN

Vorig bericht Volgend bericht

Nog geen reacties

Laat een reactie achter