Boeken

Adrien Candiard, De islam begrijpen

Kort na de terroristische aanslagen in november 2015 in Parijs, hield Adrien Candiard, als islamoloog en Dominicaan werkzaam in Caïro, een lezing in de Franse hoofdstad, die hij later uitbreidde tot een informatief boekje dat nu is vertaald. De recente gebeurtenissen gaven aan zijn lezing een nieuwe urgentie. Hoe moeten we reageren op het geweld dat in naam van de islam wordt gepleegd?

Candiard vertrekt vanuit twee basisstellingen die op het eerste gehoor tegenstrijdig lijken: Dé islam bestaat niet, en: Het is onzin om te zeggen dat de islam niet bestaat.
Zorgvuldig legt hij beide polen van dezelfde waarheid uit. Dé islam bestaat inderdaad niet. We hebben het hier over een wereldreligie die zoveel verschillende uitingsvormen heeft, in het heden maar ook in de geschiedenis, dat je die onmogelijk tot één essentie terug kunt brengen. Hij legt uit dat de Koran daarvoor niet kan dienen, aangezien er verschillende interpretaties van de op zichzelf vaak duistere tekst bestaat. “Elke tekst roept noodzakelijk een interpretatie op en diegenen die daar de noodzaak van ontkennen, die pretenderen de meest rigoureuze letterlijke interpretatie te gebruiken, stellen in feite zelf een eigen lees- en interpretatiemethode voor – inderdaad: die van de letterlijke betekenis” (p. 32). Naast de Koran is er de Hadith, zeg maar de verzamelde traditie: “een kolossaal en ingewikkeld corpus, nog steeds vol tegenspraak” (p. 38) en ook de befaamde sharia (wetgeving) is nooit en nergens eenduidig geweest. “Integendeel, het gaat om recht dat uit jurisprudentie is ontstaan, gebaseerd op vroegere interpretaties van rechters, georganiseerd door interpretatiescholen maar nooit tot één interpretatie teruggebracht” (p. 40-41). Hiermee snijdt hij de pas af voor iedere essentialistische opvatting van islam.

Daarmee is meteen het front genoemd waartegen Candiard zich afzet. We moeten niet trappen in de val van degenen die beweren dat hun islam de ware islam is. Dat is precies wat de zogenaamde salafistische stroming de wereld wil doen geloven. Doordat zij hun boodschap met terroristisch geweld kracht bijzetten, zijn veel mensen geneigd hun opvatting onbewust over te nemen. Vandaar dat veel westerse mensen denken dat islam en geweld onlosmakelijk bij elkaar horen.

De andere kant van de paradoxale waarheid is dat je ook niet met droge ogen kunt beweren dat de ware islam vredelievend is en dat de salafisten geen moslims zijn. Zoals ieder religieus mens zal ook de moslim zich moeten verhouden tot geweld en diversiteit in zijn eigen traditie. Candiard spreekt van een ‘dubbele interne crisis’ binnen de islam, tussen soennieten en sjiieten, die al zo oud is als de islam zelf en binnen het soennisme over de definitie van orthodoxie (p. 52).

Hij geeft een helder en beknopt overzicht van de geschiedenis die doorwerkt in de actualiteit van vandaag. Het soennitische leiderschap over de moslimwereld was eeuwenlang vanzelfsprekend, maar met de teloorgang van het Ottomaanse rijk in het begin van de 20e eeuw en de Iraanse revolutie aan het einde daarvan, is het zwaartepunt verlegd. Achtergrond van de strijd om hegemonie tussen het huidige Iran en Saoedi-Arabië.
De politieke crisis in de islamitische wereld sinds de 19e eeuw heeft gezorgd voor diverse politieke en religieuze hervormingsbewegingen. Wahabisme, salafisme en jihadisme zijn daarmee moderne stromingen. Wat ze verbindt is een discours van zuiverheid, maar dat is juist niet traditioneel, verheldert Candiard. “Het salafisme is geen traditionele beweging. Het is juist het tegendeel daarvan. Het wijst de traditionele islam af, het wijst de traditie af die van generatie op generatie is doorgegeven, uit naam van een rechtstreekse relatie met de oorsprong” (p. 77). Je kunt het vergelijken met het fundamentalisme in christelijke kring, dat ook een typisch modern verschijnsel is. Candiard wijst deze ‘gefantaseerde islam’ scherp af, omdat deze islam “zich geen zorgen [maakt] om de cultuur” en “droomt van chemisch zuivere moslims die alleen moslims zijn en niet tegelijk Egyptenaar, apotheker, voetballiefhebber, gevoelig voor klassieke poëzie en allergisch voor kattenhaar” (p. 78).

In het slotdeel ontmantelt Candiard enkele misverstanden die je in het hedendaagse debat regelmatig tegenkomt, zoals dat de islam onverenigbaar is met democratische bestuursvormen, dat de Koran niet geïnterpreteerd mag worden of dat de islam vijandig staat tegenover de rede en dus leidt tot onredelijk fanatisme. Dat laatste was de strekking van een niet verkeerd bedoelde maar onhandige uitspraak van de vorige paus Benedictus in 2006 die toen voor veel ophef zorgde. In alle gevallen geldt dat “de werkelijkheid aardig wat genuanceerder is” (p. 102).

Dat laatste is de onderliggende boodschap van Candiards heldere boekje. Hij trapt niet in de val om als buitenstaander te zeggen wat de oplossing is. Zijn bijdrage is om verheldering te brengen: “Theologisch analfabetisme is gevaarlijk. In het merendeel van de gevallen ontbreekt ons daardoor het gereedschap om te begrijpen wat zich voordoet” (p. 138). Waarmee meteen het belang van deze publicatie is verwoord.

Een informatief boek dat het gesprek over hoe wij op een verdraagzame manier religieus kunnen samenleven stimuleert.

Adrien Candiard, De Islam begrijpen, Berne Media 2018, 143 pag, € 16,90, ISBN: 978 90 8972 266 9

Vorig bericht Volgend bericht

Nog geen reacties

Laat een reactie achter