speeddaten

Jonge dominees zijn vandaag aan het speeddaten met vacante gemeenten. Het schijnt dat nieuwe collega’s moeilijk aan de bak komen, omdat gemeenten liever kiezen voor ervaring. Terwijl jonge dominees het grote voordeel hebben dat ze nieuwe netwerkcultuur beheersen. Daarnaast trekken zij op een gegeven moment weer verder, zodat je er als gemeente niet tot aan het emeritaat mee blijft zitten.speeddate

Ik ben ook ooit een jonge dominee geweest. Toen trok ik ook nog verder, maar inmiddels ‘hang’ ik al elf jaar in Assen, tenminste dat werd mij vanmorgen nog eens onder de neus gewreven. Vanwege het a.s. 25-jarig ambtsjubileum werd ik geïnterviewd, samen met een gelijktijdig jubilerende collega, voor het Kerkblad en toen kwam dat ter sprake. De interviewster bedoelde het vast niet onaardig, maar het viel mij natuurlijk wel op.

Overigens was onze date niet speed. Ze nam uitgebreid de tijd om ons verhaal op te tekenen. Benieuwd naar wat ze daarvan heeft gemaakt. U leest het binnenkort…

Geplaatst in Uncategorized | Getagged | 2 Reacties

mission bell

Zaterdag zag ik een documentaire over The Eagles. De band die met hun LP en gelijknamige hit Hotel California een belangrijk stempel drukte op mijn muzikale middelbare schooltijd.
Het verhaal van de band is gewoon het klassieke schema: opgaan, blinken en verzinken. Boeiend maar ook soms ontluisterend. De diverse bandleden waren allemaal apart geïnterviewd en dat leverde hier en daar schurende verhalen op.

Glenn Frey 35 jaar later

Glenn Frey 35 jaar later

Eén anekdote intrigeerde mij. Glenn Frey, samen met Don Henley de ruggengraat van de band, vertelde hoe hij als beginnend muzikant leerde hoe je een goede popsong maakt. Hij woonde in die tijd in hetzelfde appartement als Jackson Browne, een andere coryfee uit de toenmalige popmuziek, en hoorde hoe deze iedere morgen om 9.00 uur achter de piano ging zitten, een eerste couplet begon te spelen, dat twintig keer herhaalde tot het klonk zoals hij het wou, vervolgens een kop thee ging zetten en daarna aan het tweede couplet begon. Met andere woorden: om creatief iets te bereiken moet je gewoon hard en gedisciplineerd werken. Eindeloos blijven proberen en schaven tot het klinkt zoals het moet.

Zoiets betrek ik dan meteen op mijn eigen arbeid. Zondag was ik in de gelegenheid om dezelfde preek, waar ik de nodige creativiteit in had geïnvesteerd, twee keer kort achter elkaar te houden. De tweede keer veranderde ik iets in de laatste zinnen, waardoor het (volgens mij) nog beter klonk en wat ik wilde zeggen krachtiger overkwam. Ik had dat niet bedacht na de eerste keer, zelfs niet toen ik begon aan de tweede keer, maar het gebeurde ‘spontaan’.

Stel je voor als ik het nog eens achttien keer zou proberen met die preek? Misschien dat je dan een tophit hebt??

Geplaatst in cultuur | Getagged , , | 1 reactie

werkdag

Dat de zondag een werkdag is voor predikanten is geen nieuws. Maar morgen is mijn agenda wel erg vol:

park and pray

- eerst dienst in de eigen wijkkerk (met avondmaal);
- vervolgens op een holletje naar het recreatiecentrum Witterzomer om daar de viering te leiden (met een gospelkoor);
- aan het begin van de middag word ik verwacht in de studio van Radio Assen om iets te vertellen over het missionaire werk, en - ‘s avonds gaan we met de groep (belijdenis)catechisanten de dienst van Pinksteren voorbereiden.

U hoort mij niet klagen. Het is immers zoals de Schrift het zegt: ‘zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen’.
Vandaar dat ik op de zevende dag vrij ben, … op het schrijven van dit stukje na dan.

Geplaatst in Kerk | Getagged | Een reactie plaatsen

denken

De film Hannah Arendt heb ik nog niet gezien, maar staat wel op mijn lijstje want wat ik er over las maakt nieuwsgierig. Het gebeurt niet zo vaak dat een filosoof het hoofdpersonage van een film is.

beeld uit de film barbara sukowa als hannah arendt

beeld uit de film
barbara sukowa als hannah arendt

Het uitkomen van de film was voor mij  aanleiding haar pas in het Nederlands vertaalde boek Denken. Het leven van de geest te gaan lezen. Het stond al een tijdje in de kast. In de Inleiding (veel verder ben ik nog niet) maakt ze aan de hand van Kant het onderscheid tussen rede en verstand (Vernunft und Verstand). Beide zijn menselijke vermogens, je kunt ook zeggen: geestelijke vermogens, die op elkaar lijken maar toch net een verschillende spits hebben. Het verstand is gericht op kennis, die bruikbaar en nuttig is, op waarheid die bewezen kan worden en voor iedereen doorzichtig is. De rede zoekt naar betekenis en zin van de wereld waarin wij leven. Het cruciale is, volgens Arendt, dat we inzien dat “waarheid en zin niet hetzelfde zijn. De fundamentele misvatting (…) bestaat erin zin te interpreteren naar het model van waarheid” (a.w., p. 43).

Het zou al heel wat helpen bij alle vermoeiende discussies over de waarheid van het geloof en over het (vermeende) conflict tussen geloof en wetenschap, als we dit essentiële verschil  begrijpen. Zou ik denken…?

Geplaatst in Uncategorized | Getagged , , | 1 reactie

slotlied

Na een week vakantie vandaag weer langzaam aan opstarten. Maar begonnen met de dienst van a.s. zondag: liederen uitzoeken, tafelgebed, powerpointpresentatie in de grondverf zetten.

santa maria della vittoria - rome

santa maria della vittoria – rome

Later op de dag word ik door een mail  herinnerd aan enkele regels die ik voor mijn vakantie op verzoek heb gestuurd naar een kerkblad van een naburig dorp, over kerkmuziek. Ik lees de tekst nog eens door:

Als predikant sta je bijna wekelijks voor de opdracht een kerkdienst voor te bereiden. Door de jaren heen is me duidelijk geworden hoe belangrijk de muziekkeuze daarbij is. Predikanten zijn nogal eens geneigd alle nadruk op de preek te leggen, maar voor veel kerkgangers wordt de waardering meer bepaald door de liederen die er worden gezongen. Dus heb ik geleerd altijd met een lekkere meezinger de dienst af te sluiten. Als mensen met een goed gevoel de kerk verlaten, is de behoefte om kritisch te reageren op die matige preek al snel minder groot. Een tweede neiging van predikanten is om de liederenkeuze zorgvuldig af te stemmen op de lezingen en op de preek. Het moet inhoudelijk goed aansluiten. Wij kijken naar de tekst, minder naar de muzikale kwaliteiten van een lied of gezang. Soms levert dat geforceerde situaties op, als de gemeente een weliswaar tekstueel verantwoord maar moeilijk te zingen lied op krijgt. Zoiets doet aan beide kanten afbreuk. Zelf hecht ik aan een zekere liturgische stijl, al valt er eindeloos over te twisten wat dat precies is. De komst van het nieuwe liedboek, maar ook recente liturgische vernieuwingen om bij de viering uit meerdere bronnen en tradities te putten, vormen voor mij als predikant een uitdaging voor de toekomst. Veelkleurig vieren betekent meer muzikale stijlregisters aanboren. Niet blindstaren op teksten en meer rekening houden met de emotionele waarde van muziek. Want niets beroert ons meer dan lekker zingen, en dan niet alleen het laatste lied…

Kennelijk was ik mijn eigen tekst al weer vergeten, want inmiddels heb ik voor zondag weliswaar een swingend slotlied gekozen, maar ook een (onbekend) lied uit Tussentijds (110), omdat het zo mooi aansluit bij de tekst van het gekozen Tafelgebed (Dienstboek 32).

Het is nog geen zondag, dus ik kan het nog veranderen. Doen?

Geplaatst in Kerk | Getagged , | Een reactie plaatsen

koning doornstruik

Zonder voorafgaand overleg hadden de ouderling en ik dezelfde gedachte. Hij opende de middag met een toepasselijk stukje over het koningshuis; ik sloot er op aan met het thema Leve de koning. Alles natuurlijk vanwege de a.s. kroning van Willem-Alexander.

koningDe aanwezige bewoners en belangstellenden uit de Peelerhof werden vergast op een uitleg over koningen en koningschap in het licht van de Bijbel. Ik had wat karakteristieke teksten op een rijtje gezet. De waarschuwing van Samuel (I Sam. 8) dat het koningschap vooral ellende oplevert: ‘je zonen moeten het leger in, je dochters de hofhouding dienen en de koning vordert belasting’. De kritiek van profeten als koningen hun hand overspelen, zoals David bij Batseba (2 Sam. 12) en Achab ten opzichte van Nabot (I Kon. 21).
En natuurlijk lazen we de fabel van Jotam:
‘8 Eens gingen de bomen eropuit om een koning te kiezen. Ze vroegen de olijfboom: “Wilt u onze koning zijn?” 9 Maar de olijfboom antwoordde: “Zou ik ophouden mijn olie af te staan, waarmee mensen en goden worden vereerd, om wat te wuiven boven de andere bomen uit?” 10 Toen vroegen ze het aan de vijgenboom: “En u, wilt u onze koning zijn?” 11 Maar de vijgenboom antwoordde: “Zou ik ophouden mijn zoete vruchten af te staan, om wat te wuiven boven de andere bomen uit?” 12 Toen vroegen ze het aan de wijnstok: “En u, wilt u onze koning zijn?” 13 Maar de wijnstok antwoordde: “Zou ik ophouden mijn sap af te staan, dat goden en mensen verblijdt, om wat te wuiven boven de andere bomen uit?” 14 Ten slotte vroegen de bomen aan de doornstruik: “En u, wilt u onze koning zijn?” 15 En de doornstruik antwoordde: “Als u mij werkelijk tot uw koning wilt zalven, kom dan maar hier, in mijn schaduw is het goed toeven’. (uit Rechters 9)

Aan de koning en zijn machtshonger kun je je lelijk verwonden, is de onderliggende bijbelse boodschap die met de nodige ironie wordt gebracht.
Natuurlijk is dit allemaal niet te vergelijken met ons koningshuis. In een constitutionele monarchie is de koning met handen en voeten gebonden. Zoals het hoort.

We besloten de middag met een gebed van Sytze de Vries dat als volgt begint:
Gij, die geen andere macht bezit
dan de overmacht van uw liefde,

wees de bron van wie ons besturen en regeren.

Maar slaat dat eigenlijk wel op onze koning… ?

Geplaatst in Bijbel, Samenleving | Getagged , , | Een reactie plaatsen

verbinding

Harmonium2Het inmiddels teruggetrokken Kroningslied is een fiasco geworden. Dat had je natuurlijk aan kunnen zien komen, als je veronderstelt dat een lied bij elkaar gebricoleerd kan worden door zoveel mogelijk mensen een regel aan te laten leveren. Of is dat gemakkelijke wijsheid achteraf?

Interessant vond ik de analyses. Eerst al toen bleek dat het lied wel erg sterk leunde op het genre Opwekkingslied, inclusief de kreupele taal. Vandaag lees ik hoe in Trouw de oorzaak voor het debacle wordt gezocht in de botsing tussen hogere en lagere cultuur. Een onderscheid dat volgens sommige sociologen overigens steeds dominanter wordt.

Ondertussen lees ik het pas verschenen boekje Verbindend vieren dat eigenlijk precies over dit soort vragen gaat, maar dan in verband met de eredienst. Hoe kunnen verschillende stijlregisters en vormen een verbindend geheel vormen? Hoe kan de eredienst van morgen (jonge) mensen aanspreken? Wat is daarin de rol van de traditionele preek?
Als ik het boek uit heb, zal ik er hier iets meer over zeggen.

Leuk om vanmorgen in de mailbox een berichtje te vinden van iemand die in Canada naar de dienst van gisteren in onze Zuiderkerk heeft geluisterd. Verbinding?

Geplaatst in cultuur | Getagged , , | Een reactie plaatsen

groeten uit grolloo

Vanmorgen vergaderd met collega’s uit de regio. We kwamen dit keer samen in het mooie Grolloo.
Was het zinvol? vroeg mijn vrouw. Tja. Ik vertelde wat we hebben gedaan. Afspraken, afstemming, ruimte voor ieders persoonlijk wel en wee, maar ook, zoals dominees betaamt, een inhoudelijk gesprek. Dit keer over de doop, naar aanleiding van een artikel dat één van ons ooit had geschreven. Past de kinderdoop nog wel bij deze tijd? Moeten we niet vaker kinderen zegenen in plaats van dopen, als vele ouders de betekenis van de doop (als inlijving in de gemeente, als afwassing van zonden e.c.) nauwelijks kennen laat staan onderschrijven?

Ik moest tijdens ons gesprek denken aan een passage die ik ooit bij Kaj Munk gelezen heb en die diepe indruk op mij heeft gemaakt. Thuisgekomen heb ik het even opgezocht. Het komt uit Actuele Eeuwigheid (1949, p. 283):

kaj munk (deens predikant, 1898-1944)

kaj munk (deens predikant, 1898-1944)

“Meer dan de anderen in zijn gemeente, zit een predikant er soms over te piekeren, wat de doop nu eigenlijk is. Zo’n doodeenvoudige moeder maakt zich daar niet druk over. Zij weet alleen, dat haar moeder haar ook liet dopen en dat haar grootmoeder haar moeder liet dopen, zo hoort het nu eenmaal, dat men zijn kinderen laat opnemen in een gemeenschap (…). Zeker, het is eigenlijk een wonderlijk iets, een klein kind dat er niets van kan verstaan en dat er niets op kan antwoorden, allerlei vragen te stellen en er het kruisteken over te maken en water over zijn hoofdje te gieten en onbegrijpelijke woorden te spreken; maar zo’n inwijding moet nu eenmaal iets geheimzinnigs zijn, iets mystieks, anders zou zij niet aan de ernst van geboorte en dood beantwoorden. En zo komt zij daar dan met haar kind en voelt zich verrijkt en gezegend, misschien juist omdat wat daar geschiedt haar verstand te boven gaat. En als dominee dan allemaal mooie en verstandige en wijze dingen bij elkaar gepiekerd heeft, zodat zijn hoofd er ten slotte van omloopt, dan gaat hij maar naar de kerk, ver weg van al die speculaties en gaat over tot de heilige handeling en daar treedt die jonge moeder hem tegemoet met haar geloof en haar vertrouwen en haar dankbaarheid, en waar hij in zijn studeerkamer mee worstelde, dat wordt nu bleek en onwerkelijk en onbelangrijk voor hem, vergeleken met het grote feit, dat hij hier midden in de werkelijkheid staat en zich zo heel dicht in de nabijheid voelt van de bronnen des levens.” 

Geplaatst in Kerk, pastoraal | Getagged , , | 3 Reacties

uitnodiging

Als voorzitter van het stedelijk Missionair Beraad schreef ik naar aanleiding van ons jaarverslag 2012 enkele regels voor het Kerkblad, met daarin deze passage:

Soms merk je nog steeds een huiver voor het missionaire werk. Mensen denken dan aan ‘zieltjes winnen’ en hebben daar gedachten van dwang en opdringerigheid bij. Dat mag in het verleden zo zijn geweest, helaas, vandaag leggen we vooral de nadruk op het uitnodigende karakter. Als het in het missionaire werk gaat om aandacht voor de boodschap van de kerk, dan dient dat ook in de vormen die we daarvoor gebruiken door te klinken. Het evangelie spreekt van Gods uitgestoken hand en niet van gebalde vuisten of opgeheven vingertjes.den haag 057

Geplaatst in Kerk | Getagged , , | Een reactie plaatsen

oordeel

Binnenkort mag ik een uitnodiging voor het ‘jaargesprek’ verwachten. Tenminste, dat werd op de laatste kerkenraadsvergadering aangekondigd.

loopbaangesprekIn de kerk vermijden we angstvallig begrippen als ‘functioneringsgesprek’ en ‘beoordelingsgesprek’, al lijkt het er wel een beetje op. Het verschil is dat zo’n jaargesprek geen consequenties heeft voor je contract. Predikanten zijn niet in dienst van de plaatselijke gemeente, maar daar aan verbonden en wel voor onbepaalde tijd.

In deze onzekere tijden waardeer ik deze positie des te meer. Waar veel mensen zorg hebben of hun baan wel behouden blijft, hoef ik daar niet bang voor te zijn. En wat onze arme burgemeester nu overkomt, dat je zomaar te horen krijgt dat ze op je uitgekeken zijn en niet meer verder met je willen, zal een predikant niet gauw meemaken.

Natuurlijk, ook predikantscontracten worden ontbonden, maar dan is er wel het nodige aan voorafgegaan waardoor een ernstige vertrouwensbreuk is ontstaan. Het pijnlijke wegsturen van de burgemeester van Assen komt voor velen uit de lucht vallen. Ik weet er het fijne niet van, en wil er niet teveel over speculeren, maar erg fris komt het allemaal niet over. Gemeentepolitiek op z’n smalst?

Laat ik voorzichtig zijn. In het verleden hebben diverse (gereformeerde) dominees in Assen voortijdig hun biezen moeten pakken, al even pijnlijk en onfris. Zou het met Assen te maken hebben? Straks komt het nog zo ver, dat ik me zorgen moet gaan maken om het a.s. jaargesprek…

Geplaatst in Samenleving | Getagged , | Een reactie plaatsen